februari 2007
Handig boek, dat in korte tijd inzicht geeft in verschil tussen onwil en onmacht
‘Een kwart van alle adolescenten kampt enige tijd met psychische moeilijkheden. Een op de twintig heeft een ontwikkelingsstoornis die behandeld en begeleid moet worden. Een zware gang voor deze jongeren zelf. Een grote belasting voor hun ouders, die vaak stuiten op een muur van onbegrip.’
Dat schrijft kinder- en jeugdpsychiater en hoogleraar Rutger Jan van der Gaag in het voorwoord van bovengenoemd boek, waarin informatie wordt gegeven over jongeren met ASS (autisme spectrum stoornis), ADHD, NLD, ODD, OCD, angst- en stemmingsstoornissen, het borderline syndroom en het syndroom van Gilles de la Tourette. Het is een vervolg op de eerder uitgave met dezelfde formule over kinderen in de basisschoolleeftijd. Uitgangspunt is dat deze jongeren vaak als lastig worden ervaren maar niet per definitie lastig willen zijn. Tenminste, niet lastiger dan ‘gewone’ pubers. En ook die bedoelen het vaak niet slecht, leggen de auteurs (alle drie werkzaam in het onderwijs aan jongeren met gedragsproblemen) in het inleidende hoofdstuk uit. We lezen: ‘Al doet zijn uitstraling soms iets anders vermoeden, toch heeft de koppige puber ook veel tedere gevoelens en bruist hij vaak van geweldige ideeën. De puber heeft behoefte aan regels en grenzen, maar vooral ook aan een grote hoeveelheid liefde.’
Bij de ruime hoeveelheid tips die in dit boek te vinden zijn, staan ook verwijzingen naar de website van de uitgever. Daar zijn wel 22 documenten gratis te dowloaden die het handelen in de opvoeding van deze jongeren kunnen ondersteunen.
Een handig boekje om bijvoorbeeld docenten in het voortgezet onderwijs in korte tijd inzicht te geven in het verschil tussen onwil en onmacht bij deze regelmatig voorkomende problemen.
Bron: Balans Magazine (AP), februari 2007