|
Voorwoord Moeilijke eters |
door dr. Temple Grandin Dr. Lori Ernsperger, autisme- en gedragsdeskundige en Tania Stegen-Hanson, ergotherapeut voor kinderen, pakken in dit boek een van de grootste problemen aan waar een gezin mee kan kampen - kinderen die niet willen eten - en bieden een verfrissende benadering om de menukaart van het kind uit te breiden en het te laten genieten van een evenwichtig dieet.
Ze gaan ervan uit dat je als ouder of hulpverlener moet begrijpen hoe ver de ontwikkeling van de lichamelijke, sensorische en motorische vaardigheden van het kind gevorderd is. En het is van het grootste belang dat je begrijpt wat je kind wil zeggen als het op een bepaalde manier op eten reageert. De auteurs behandelen allerlei misvattingen die rond ‘eten' en ‘maaltijden' bestaan. Een eerste misvatting die zij weerleggen handelt over het idee dat eten een eenvoudig proces is; het is een zeer ingewikkeld proces en dat tonen ze ook aan. Ze rekenen af met sommige opvattingen rond eten, zoals die dat je geen goede ouder bent als je kind niet ‘netjes' eet of zijn bordje niet leeg eet.
Een ander veelvoorkomend idee is dat probleemeters ‘alleen maar moeilijk doen', alsof ze een machtsstrijd uitvechten, terwijl vaak blijkt dat ze een achterstand in de mondmotoriek hebben, dat ze niet beschikken over een adequate sensorische informatieverwerking, dat ze allergisch zijn, of een ander, nog niet gediagnosticeerd probleem hebben. Sommige van die opvattingen zijn levensbedreigend, zoals: ‘als kinderen maar genoeg honger hebben, dan gaan ze vanzelf wel eten.' Dat blijkt niet met alle probleemeters het geval. Dit soort opvattingen over eten zijn belemmeringen die ervoor zorgen dat kinderen weinig kennis kunnen maken met nieuwe soorten eten en staan de oplossing van de problemen van veel moeilijke eters in de weg.
Omdat er zo veel aspecten een rol spelen, zijn de auteurs voorstander van een multidisciplinaire benadering om de juiste diagnose te kunnen stellen. Ze geven inzicht in de verschillende symptomen die duiden op fundamentele problemen, om de lezer te laten zien waarop hij of zij moet letten.
Is de aard van het probleem eenmaal duidelijk, dan kan een behandelplan worden opgesteld. Met de uitvoering van dit behandelplan neem je afscheid van de manier waarop je vroeger probeerde je kind te laten eten. In dit boek wordt de benadering gehanteerd waarbij je je helemaal richt op het kind en het ‘plezier hebben met eten, en dus niet probeert om voedsel in de mond van het kind te proppen'. Een van de voorstellen is om bij iedere maaltijd een voor het kind onbekende soort eten aan te bieden, maar tegelijkertijd iets wat het kind heel lekker vindt achter de hand te houden. In het boek wordt het belang van de juiste omgeving besproken en krijgt de lezer advies bij lichamelijke problemen en problemen met de mondmotoriek en geven de auteurs uitleg bij diverse spelletjes die je met eten kunt doen, zodat het kind de fysieke component van voedsel (geur, smaak, substantie) leuk gaat vinden en plezier krijgt in het eten zelf.
Dit is het een geweldig boek, dat een positief programma biedt om kinderen te helpen die dagelijks worstelen met een groot probleem.
Temple Grandin
|